De jonge lammetjes zijn zes maanden oud.
De moederooien willen niet meer dat de lammetjes melk drinken bij haar. Ze zijn groot genoeg om alleen van gras te eten. Hun magen zijn uitgegroeid en sterk. In deze maand worden de rammetjes uit de kudde weggehaald en ze worden nu opgehaald met een veewagen en naar een slachterij gebracht. Daar worden de rammetjes doodgemaakt en het vlees wordt ingevroren en verstuurd naar Frankrijk. Daar lusten de mensen graag lammetjesvlees. In Nederland wordt veel lammetjesvlees en schapenvlees gegeten door de moslims. [De moslims, turken en marokkanen en joden eten geen varkensvlees; dat dat niet mag staat in de Koran en in de Thora.
Nu zie je in de weilanden en op de dijken alleen maar moederooien en jonge ooitjes van zes maand oud lopen. De rammen en een aantal mooie jonge rammetjes zijn in een apart weiland gezet.
Gedurende deze periode (augustus tot december) wordt een ooi om de 17 tot 20 dagen bronstig of hitsig. Gedurende deze hitsige fase, die ongeveer anderhalve dag duurt, kan de ooi gedekt worden. Tekenen van bronstig zijn van de ooi zijn: blaten; onrustig gedrag; met de staart kwispelen; bij de ram blijven; zwelling en rood kleuren van de vulva; veelvuldig urineren (geur die de ram aanspoort).
De schapenboer zet de rammen bij de ooien wanneer hij graag heeft dat de lammetjes geboren worden. Dat is 147 dagen, 21 weken, ongeveer 5 maanden na de dekking. Hij kiest meestal voor september voor het dekken, dan worden de lammetjes geboren in februari of maart. Dekken is: de ram zet zijn voorpoten over de rug van de ooi (bestijgen heet dat) en steekt dan zijn uitschuifpenis achterin de ooi tot bij de baarmoeder. Daar ejaculeert hij zijn zaadcellen die afkomstig zijn uit de twee grote zaadballen die tussen zijn achterbenen hangen. De zaadcellen zijn 'halve' cellen die een dag later samensmelten met 'halve' eicellen die de ooi in de eileiders loslaat. Samengesmolten is er een hele cel, zo groot als een speldenknop, die het nieuwe schaapje is.
Werkers:
|
Johan Hoving Jeanet Faber |
Remo Sloof Klaas Steenbergen |
|
André Eijkenaar |
|