Login

OOBO.eu

< Klik op de maand waarin we nu zijn
U bent hier: Home / Diersoorten / Amfibiën / Kikker / April
A+ R A-
April

Als het weer warmer wordt, de eerste insecten (grondspinnen) uit hun winteronderkomens verschijnen en als voedsel kunnen dienen, kruipt de kikker weer uit de modder naar boven. De kleinsten van het vorig jaar, de halfvolwassen kikkers van het vorig jaar en de oudere kikkers die zich nu gaan voortplanten. Voor de padden en de salamanders is het een overeenkomstig verhaal.

APRIL is de maand van de groei 

vanuit de dril naar kikkervisje (dikkopje).

April

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dat groeien kunnen we op school met eigen ogen zien. (zie foto van kikkerdril)

ONTWIKKELINGSTRAJECT

In het eerste uur gebeurt het volgende: Het vrouwtje spuit 2000 eitjes vanuit haar cloaca naar buiten het water in. Onmiddellijk spuit het mannetje duizenden spermacellen uit zijn cloaca naar buiten, over de eitjes heen. Elke eicel van het vrouwtje wordt bevrucht, doordat in elke eicel de spermacel binnendringt en de twee 'halve' cellen smelten samen tot één bevruchte cel (zygote). Rondom de cel (zwart bolletje als geheel van één bevruchte eicel plus dooier) zwelt nu de gelei op en nu is het zwarte bolletje omringd door een glasachtige geleimantel (capsule). Het tweede uur: Het zwarte bolletje krijgt aan de onderkant een grijs veldje (maantje). Het derde uur: De eerste deling vindt plaats. Het bolletje bestaat nu uit twee cellen aan-elkaar. Na 4,5 uur: De cellen zijn weer gedeeld en er zijn nu vier cellen. Na 5,7 uur: De cellen zijn weer gedeeld en er zijn nu acht cellen. Na 6,5 uur: De cellen zijn weer gedeeld en er zijn nu zestien cellen. Na 7,5 uur: De cellen zijn weer gedeeld en er zijn nu twee en dertig cellen. Door de verdere delingen ontstaat er een hol cellenballetje (blastula).

Na 1 dag: Het bolletje heeft een lip gekregen. Na 1,4 dag: Het bolletje heeft ronde deuk gekregen (begin gastrula = de maag). Na 1,8 dag: De deuk is naar binnen gebold en van buiten door een kleine opening toegankelijk. Na 2 dagen: In de buitenlaag van het bolletje ontstaat nu een neuraal (zenuw) vlak. Na 3 dagen: Er is in de buitenlaag een neurale tube ontstaan. Het bolletje krijgt een lengtevorm. Een kopknobbel is zichtbaar. Na 3,5 dagen:Een staartknobbel is nu ook zichtbaar. De larve is 3 mm lang (lengte is meetbaar).Binnenin begint de groei van organen. Na 4 dagen: De lengte is nu 4 mm. Er zijn spierreacties zichtbaar en de staart groeit. Na 4,9 dagen: De hartslag begint. Na 5,8 dagen: De lengte is nu 6 mm. De kieuwen breken naar buiten. De zuurstofopname gaat vanuit het water. De staart groeit verder uit. Na 6,7 dagen: De lengte is nu 7 mm. De mondopening gaan open. Vanaf nu kan de larve voedsel van buiten eten. Tot nu toe is de larve gevoed vanuit de in de buik gelegen dooier. Het voedsel welke de larve nu eet zijn algen. Na 8 dagen: De lengte is nu 8 mm. Er is bloedcirculatie in de staart. Wanneer je een bak in de klas hebt met kikkerdril, moeten de larven nu speciaal gevoed worden met halfgegaarde spinazieblaadjes. Na 9 dagen: De lengte is nu 9 mm. De inwendige kieuwen zijn gegroeid. De zuurstofopname uit het water gaat via de mond. Na 11 dagen: De lengte is nu 11 mm. De kieuwdeksel is gegroeid. De kieuwdeksel overdekt de kieuwen en er wordt geheel overgeschakeld op de inwendige kieuwen. Later gaat de kikker over op longademhaling. De zuurstofopname kan ook uit de lucht! Het hart heeft al drie kamers net zoals bij volwassen kikkers.

Tussenperiode: 10-60 dagen: Deze periode is een groeiperiode. Het wordt gebruikt voor opslag van reservevetten om beschikbaar te zijn als bouwmaterie bij de lijfopbouw (metamorfose) naar het kikkermodel.

Gedurende de laatste 30 dagen (dag 75 - dag 90) wordt de larve verder uitgebouwd en vindt de overgang plaats van larvelijf naar een echt kikkerlijf. Het een kleine kikkertje is en kan nu uit het water klimmen. Het is dan inmiddels juli/augustus.

Het ontwikkelingstraject is door CM beschreven vanuit Roberts Rugh: The Frog; its reproducton and development. Philadelphia 1951 (Onderzoek van 1939-1950)]

 

Instructies (verzorgen en observeren met loep)

De kikkerdril vinden zal geen probleem zijn, in elke groep zitten Jongens Meisjes die de kikkerdril al gezien hebben. Er drijven trossen kikkerdril in het water.

Het is de bedoeling dat op elke school kikkerdril in een aquariumbak (of andere ruime bak) gehouden wordt en dat de JM de ontwikkeling van de dril naar kleine kikkertjes volgen. 

Zet op school een waterbak of aquariumbak klaar voordat je op pad gaat met de JM.

Neem een schepnetje mee en een schone emmer (geen zeepresten!) 

uit een sloot dus een klein brokje kikkerdril, in een emmertje met water uit die sloot, en dat vlug mee naar school en plaats het geheel in een plastic of een glazen bak.

1e-wk-april

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 Niet te klein want het water moet wel zuurstofrijk blijven. Niet in de zon, wel in het licht. De kikkerdrilbak kan ook op een tafel op de gang of buiten op de speelplaats. Zorg er zelf voor of de conciërge of een ouder/grootouder. De bedoeling is de ontwikkeling van het beginnende kikkertje dagelijks te volgen. Het volgen van de kikkerontwikkeling is zo belangrijk (groepen 1 t/m 8) omdat die ontwikkeling model staat voor de ontwikkeling binnen de zoogdier dieren. Dat lijkt een grote afstand maar is het in werkelijkheid niet. Het ontwikkelingsverloop is hetzelfde. 

Daartoe moet de bak voor 3/4 deel gevuld worden met slootwater. Daar kan een klein hapje kikkerdril in gelegd worden. Neem maar een klein deel mee; 20 celletjes is genoeg. Je hebt al gauw 50 bolletjes te pakken. Overigens: op school zijn de kikkerlarfjes veiliger dan in plas en sloot met z'n duizenden hongerige vissen en rivierkreeften. 

LET WEL: het water moet om de week voor de helft vernieuwd worden. Dus vers water halen uit de sloot of plas, het liefst in een schone plasticcontainer met draaidop. Meenemen groene onderwaterplanten waar algen op groeien. Deze algen zijn het eerste voedsel voor als de larfjes uit het geleiomhulsel komen. Zie het ontwikkelingstraject dat hierboven staat.

De kikker is een amfibie en legt wel duizend eitjes ineens. Duizend eitjes zijn nodig want 950 van de jonge kikkerlarven worden opgegeten door de nieuwe jonge visjes  die de hele dag naar voedsel zoeken. Omdat het vrouwtje niet duizend kikkertjes in haar buik kan laten grootgroeien, moet dat groeien maar buiten haar buik gebeuren. Hoe dat groeien gaat zien we in onze aquariumbak op school.

Initiator / Projectleider

Bestuurders

Harm Evert Waalkens

John van Meekeren

Ruud Hietbrink

Jan van Greven

 

Adviseur: dr. Elles Bulder

Subsidiegever

ei_banner_leader

LEADER Oost-Groningen

Werkers:

Johan Hoving

Jeanet Faber

Remo Sloof

Klaas Steenbergen

André Eijkenaar